Als echte dorpsclub wordt Lyra gekenmerkt door eerste elftal met een ‘Liers gezicht’. Hoe anders was dat begin deze eeuw, toen Lyra dicht tegen de top van het amateurvoetbal speelde. Het elftal uit 2006, het laatste kampioenselftal, bestond voor de helft uit zogenaamde ‘import-Lierenaren’. Dat bleek een gouden greep. Voor deze flashback spraken we met diverse betrokkenen over die bijzondere combinatie.
Import
Lierser dan de aanvoerder krijg je het niet. Etiënne Buijs speelde destijds al vijftien seizoenen in Lyra 1 en werkte bij de hoofdsponsor uit die tijd: Jarini. “De eerste klasse was toen het één na hoogste amateurniveau in Nederland. Als eigen jeugd niet aan kon pikken, werden er jongens van buitenaf bijgehaald,” schetst hij de situatie begin deze eeuw. “Tuurlijk was dat wennen, maar eigenlijk liep dat over het algemeen soepel. De meesten pasten goed bij ons cluppie.”
In de zomer van 2005 is de helft van het elftal ‘import’: Danny Spelde, Ralf de Vreede, Jurjen Jongejan, Bart van Wensen, Robin van der Sar, Alex Voortmeijer en Richard Kraijenbosch flankeren échte Lyra-mannen als Leon Delhez, Peter Wiedmann en Gert-Jan Tamerus, aangevuld met Lierenaren die hun meters ook elders hebben gemaakt zoals Harro van Velzen en Joeri van Duijn. Jonge talenten als Coen van Mil, Erwin Zeestraten en Bob Zwinkels maakten de mix compleet. Een groep die zich vooral kenmerkt door sterke karakters.
Commitment
Dat moest gemanaged worden door trainer Rob Beunder. Voor de spelers een onbekende, die toevallig net aan de Lierse Kijckerweg is gaan wonen. “Vanaf vandaag ben ik de baas en bepaal ik wie waar speelt, als iemand het daar niet mee eens is, kan die nu opstaan,” zijn de eerste woorden die hij tot de groep spreekt. “Dat maakte wel indruk,” kijkt Bart van Wensen daarop terug. “Iedereen bleef zitten en daarmee was het commitment afgegeven. Dat woord ‘commitment’ zou nog vaak terugkomen in die tijd.”
“Het was mijn taak de sfeer goed te houden.”
De trainer zelf is er bescheiden over. “Het was mijn taak de sfeer goed te houden. De jongens die van buitenaf kwamen die brachten iets wat we uit eigen gelederen niet hadden, dus dat viel allemaal goed in elkaar.” Het recept klinkt vrij overzichtelijk als hij dat twintig jaar later nog oplepelt. “Dinsdag keihard trainen, donderdag tactisch en daarna gezellig een flesje in die sfeervolle oude kantine, op zaterdag de beuk erin.”
Mix
Van het groepje ‘import Lierenaren’ ontpopt Bart van Wensen zich op een natuurlijke manier tot voorman. Geboren op Goeree-Overflakkee, destijds woonachtig in Rotterdam, maar kon qua doen en laten doorgaan voor een Lierenaar. “Ik was me ervan bewust dat ik moest investeren om mensen te leren kennen bij de club, heb ik m’n best voor gedaan. Ook als er weer nieuwe jongens bij kwamen, of jongens uit de jeugd.”
“Bij Lyra heb ik de perfecte mix van plezier en prestatie gevonden,” blikt hij terug op een tijd waarin hij onder andere aan de wieg stond van het kerstgala van de spelers en sponsors. Bart legde lijntjes tussen spelersgroep, supporters, bestuur en business club. Een blauwdruk waarmee een volgende generatie leerde wat het inhoudt om selectiespeler bij Lyra te zijn.
Terwijl ‘Rood’ van Marco Borsato de hitlijsten domineerde, was het rood-wit van Lyra dat de 2e klasse domineerde. “We waren vooraf wel favoriet, maar speelden in een ‘fietspoule’ met veel derby’s, dat is toch vaak lastig,” weet Etiënne nog. “Naaldwijk, MVV, Monster, allemaal geen probleem,” dreunt Rob Beunder op. Zijn ploeg won vrijwel alles en besliste de competitie op het veld van de grootste concurrent ’s-Gravendeel. Bussen vol supporters uit De Lier waren erbij. In de oude kantine bleef het nog lang gezellig om, naar wat nu blijkt, voorlopig het laatste kampioensfeest te vieren. “Het was voor de wedstrijd al feest,” herinnert Beunder zich.
‘Import Lierenaren’ Ralf de Vreede, Robin van der Sar en Jurjen Jongejan na het behalen van de titel in ‘s-Gravendeel.
Opvolger
Op de spaarzame momenten dat hij nog weleens op de Zweth komt, ‘Lyranello’ in zijn jargon, deelt Beunder graag een pesterijtje uit: “Wie is hier voor het laatst kampioen geworden?” lacht hij. “Lyra zou natuurlijk wat hoger moeten spelen, maar dan moet er wat meer geïnvesteerd worden in het elftal.”
“..dan kan Lyra echt zo’n stap weer maken.”
Etiënne ziet de nabije toekomst rooskleuriger in. “Als de mix in een elftal goed is met een trainer die erbij past, dan kan Lyra echt zo’n stap weer maken.” Op het moment van schrijven is zijn zoon Finn dicht bij zijn debuut in Lyra 1. Als hij in de voetsporen van pa kan treden, dan krijgt het legendarische elftal van 2006 eindelijk een opvolger.







