Het lijkt vanzelfsprekend dat de brandweer binnen een paar minuten op de stoep staat als er brand is. Maar wat is ervoor nodig om dat vanzelfsprekend te laten zijn? Onze redactie ging op zoek naar antwoorden in De Lierse brandweerkazerne. Deze vijf in het oog springende getallen vertellen het verhaal van een belangrijke groep vrijwilligers.
33
Op het moment van schrijven bestaat het korps uit 33 vrijwilligers. Grotere kazernes in bijvoorbeeld Den Haag of Rotterdam hebben beroepsbrandweerlieden, een kazerne in een dorp draait volledig op vrijwilligers.
“Acht man moet overdag snel bij de kazerne kunnen zijn”
Overdag moeten er minimaal acht man paraat staan, in de avonden loopt dat op richting de twintig. “Iedereen hier heeft er gewoon een baan naast, dus moet overdag gewoon werken,” vertelt ploegchef Floortje Boode. “Acht man (bij voorkeur meer) die in staat zijn overdag snel bij de kazerne te zijn, staan op het ‘dagrooster’ dat uiteraard per dag kan wisselen qua namen.”
4
‘Snel’ is natuurlijk een relatief begrip. In dit geval is dat 4 minuten. Als de meldkamer een signaal geeft dat er ergens brand is, gaan de pagers van de brandweerlieden af. “Binnen vier minuten moet je dan op de kazerne zijn, aankleden in brandweer-pak en dan vertrekt de auto. Dan hebben we vier minuten om op de plaats van het incident te komen.”
6
Het aantal brandweerlieden dat nodig is voor een incident, hangt uiteraard af van de melding. Een ‘normale brandweerwagen’ heet in vakjargon een ‘tankautospuit’. “Op zo’n wagen hebben we altijd minimaal zes man nodig. Een chauffeur, een bevelvoerder en twee setjes manschappen.”
3
Kazerne De Lier beschikt in totaal over drie verschillende typen voertuigen. Naast de tankautospuit kan het korps eveneens uitrukken met een hulpverleningsvoertuig (HV) met specialistische gereedschappen aan boord om bijvoorbeeld auto’s open te krijgen. Deze wagen is daarnaast uitgerust met een hijskraan die zware objecten kan tillen. Het derde voertuig is een grootschalig watertransportvoertuig (GWT).
“In een woonwijk zitten overal waterpunten voor brandkranen waar we onze tankautospuit aan kunnen koppelen,” legt Dennis van der Hoeven uit, onderdeel van de manschappen. “Als er echter een incident is op een plek waar we niet zo snel water kunnen halen, dan zorgt het GWT dat we dat bijvoorbeeld uit een verder weg gelegen water kunnen halen.”
“De Lierse brandweer krijg gemiddeld drie keer per week een melding”
160
Gemiddeld krijgen de Lierse manschappen zo’n 160 keer per jaar een uitrukbericht. Dat komt neer op een gemiddelde van drie keer per week. Een melding kan een ‘prio 1’ of ‘prio 2’ zijn. “Bij prio 1 rukken we met toeters en bellen uit, bijvoorbeeld voor een brand of een auto die in de sloot is beland na een ongeval. Of automatische alarmmeldingen bij bedrijven en andere gebouwen met een directe lijn naar de meldkamer, zoals De Triangel. Prio 2 betreft meldingen zoals wateroverlast of een kat in de boom.”






