De Nederlandse winters waren in de vorige eeuw flink strenger dan tegenwoordig. Omdat de sportvoorzieningen in De Lier nog niet op het niveau van nu waren, werden Lierse sportverenigingen gedwongen om inventief te zijn in de wintermaanden. In deze flashback gaan we terug naar de jaren dat de groenteveiling ’s avonds en in het weekend provisorisch omgebouwd werd tot sporthal.
Groenteveiling
In de tweede helft van de jaren zeventig trainde hij in de wintermaanden in de ‘Groenteveiling Delft-Westerlee’, zoals het complex officieel heette. “We konden kiezen tussen een rondje rennen rondom het kanaal, of voetballen in de veilinghal, die keuze was snel gemaakt”, herinnert Johan Zuur zich. Hij is z’n hele werkzame leven al actief in de AGF en een bekend gezicht bij Lyra. Net als de korfballers van Valto, maakte Lyra veelvuldig gebruik van de hal die tegenwoordig bij de kartonfabriek van De Jong Verpakking hoort.
“Pallets werden gebruikt als goaltjes”
“Verwarming en belichting in de kassen was in de jaren zeventig en tachtig nog geen gemeengoed. Dat betekende dat er in de winter nauwelijks tomaten, paprika’s en aubergines verhandeld werden via groenteveiling op Westerlee. De aanvoerhal van tomaten werd in de wintermaanden daarom beschikbaar gesteld als trainingslocatie op dagen dat de velden vanwege regen of vorst niet bespeelbaar waren. Pallets werden gebruikt als goaltjes. Er lagen weleens plassen die de geasfalteerde vloer ietwat glad maakte, leerde je goed van op je voorvoeten lopen,” lacht Johan.
Toernooi
Dat laatste herinnert Colinda Luijendijk zich ook nog goed. Het damesteam waar zij deel vanuit maakte in de jaren tachtig trainde ook in de veilinghal. “Je gleed nog weleens uit over een verdwaald blaadje sla.” Daarnaast bemande Colinda jarenlang de geïmproviseerde ‘kantine’ tijdens de voetbaltoernooien die in de hal georganiseerd werden. Veilingkarren omzoomden de vijf veldjes die zo groot waren als een handbalveld. Doeltjes werden geleend van handbalvereniging ODIS.
De E-jeugd en D-junioren werkten de eerste zaterdagen van januari het Westlands kampioenschap af. Een prestigieus toernooi dat altijd op veel bezoekers kon rekenen. In 1999 was de lichting van Johnny Vermeer de laatste Lierse winnaar, voordat het toernooi begin deze eeuw ophield te bestaan. Johnny, tegenwoordig in het Lyra-bestuur verantwoordelijk voor het technisch beleid, lepelt de details zonder aarzeling op. “In de finale wonnen we van MVV ’27 met 6-0. Ik scoorde er drie. Gaaf toernooi hoor.”
“Voor de scouts van ADO Den Haag en Feyenoord was dit toernooi altijd vaste prik”
Zijn vader Vincent, in die jaren actief als organisator van de toernooien namens de jeugdcommissie, onderschrijft dat. “Het was een ontzettend populair toernooi, zeker omdat er in die weekenden nergens gevoetbald werd. Voor de scouts van ADO Den Haag en Feyenoord was dit toernooi altijd vaste prik, die kwamen zich vooraf altijd netjes aanmelden. Het omtoveren van een veilinghal tot sporthal was best complex, maar daar kregen we ook altijd de complimenten voor vanuit alle deelnemende teams.”
Kunstgras
Terwijl de activiteiten in de groentehal in de winterse maanden toenamen, ontwikkelden de sportvoorzieningen in De Lier zich gelijktijdig naar een hoger niveau. Eind jaren negentig opende de tweede sporthal haar deuren, een welkome aanvulling voor de jeugd van Lyra en Valto. Het huidige terrein van Valto bood eveneens ruimte voor de jeugd van Lyra om bij afgelastingen buiten te trainen. Het korte kunstgras dat voor ‘de Villa’ lag zorgde hier en daar voor een schaafwond, maar was al veel veiliger dan de asfaltvloer van de groenteveiling.
Sinds 2004 beschikt Lyra zelf ook over twee kunstgrasvelden die als volwaardige velden gebruikt worden, zélfs na hevige regenval. De archieven vertellen ons niet precies wanneer er voor het laatst gevoetbald is in de veilinghal, vermoedelijk was dat januari 2006. De hal kreeg een nieuwe bestemming en Lyra had een oplossing voor de wintermaanden op eigen complex. Een hele generatie is inmiddels opgegroeid met kunstgras als veilige ondergrond, maar de ‘ouderen’ kijken met een glimlach terug op de tijd van improvisatie.






